Autoclaven onderhoud

De Europese norm 13060 onderscheidt 3 klassen autoclaven.

 

  • De hoogste klasse is de B-klasse met gefractioneerd voor- en na-vacuüm. Deze modellen zijn geschikt voor alles en iedereen. B staat voor Big, dat wil zeggen dat B-klasse autoclaven geschikt zijn voor een grote (Big) reeks van toepassingen.
  • Dan is er de S-klasse voor Speciale, door de fabrikant aangegeven, toepassingen. Naast standaard S-klasse bestaan er ook Vacuüm S-klasse, de zogeheten VS modellen.
  • De laagste klasse is de N-klasse, dat zijn eigenlijk alle overige modellen stoom autoclaven die niet specifiek een S- of B-klasse zijn. De N staat voor Naked, waarmee men aangeeft dat deze modellen alleen geschikt zijn voor onverpakte instrumenten.


Daar waar de gebruikers ook holle instrumenten steriliseren is de keus al snel beperkt tot een vacuüm autoclaaf. Of dit een VS of B klasse vacuüm autoclaaf moet zijn hangt af van de specificaties van het holle instrument. De norm 13060 geeft aan dat er een categorie A en B type

holle instrumenten zijn. De categorie B is eenvoudig hol, en mag in de VS klasse. De categorie A is moeilijk hol en moet in de B klasse autoclaaf.

Voor tatoeëerders geldt dat hun holle tube een categorie B (eenvoudig hol) instrument is en dat deze beroepsgroep dus gebruik mag maken van een VS klasse vacuüm autoclaaf.

Voor huisartsen geldt dat ze verpakt moeten steriliseren in een daarvoor geschikte stoom autoclaaf. Deze beroepsgroep mag dus gebruik maken van de S klasse autoclaaf zonder vacuüm.

Kort overzicht van beroepsgroepen waarvoor de sterilisator eis bekend is:

- Ziekenhuis volgens ziekenhuis richtlijnen B klasse

- Privé Kliniek volgens ziekenhuis richtlijnen B klasse

- Tandarts volgens tandartsen richtlijnen B klasse

- Huisarts volgens huisartsen richtlijnen minimaal S klasse of naar keus VS klasse

- Tattoo & Piercing volgens GGD richtlijnen minimaal VS klasse of naar keus B klasse